Kreidler RMC Superstar

Algemene informatie over de: Kreidler RMC Superstar

Kreidler RMC Super Star

Kreidler is een merk dat enorm geliefd is bij de jeugd, maar ook bij ouderen. Dat komt doordat het een stevige bromfiets is zonder al te veel poespas. Over het uiterlijk valt te twisten maar het ding heeft in ieder geval iets weg van een kleine motorfiets en oogt goed – een beetje ruig. Ook heeft het een goede naam opgebouwd in wegrace en cross – zoiets werkt stevig mee aan het imago. Hij is makkelijk op te voeren (illegaal maar toch heel belangrijk) en op de hoek van elke straat kun je onderdelen en accessoires krijgen. Ook in het buitenland. Om al deze redenen is de Kreidler populair. Nog wat: wie op zo’n ding rijdt, hoort er voor 100% bij.

Motor
De Kreidlermotor draait al weer een flinke tijd mee. Hij heeft erg veel reserves, zoals bijvoorbeeld uit zijn veelvuldig gebruik (in tot zo’n 13 pk opgevoerde vorm) in de crosserij blijkt. Zulk fors gebruik pleit wel voor de robuuste opzet -een brommer met zijn bescheiden vermogen moet wel tot in der eeuwigheid met zo’n motortje toe kunnen komen. Kenmerkend is de liggende cilinder met zijn uiterst forse
koelribben. Zo’n cilinder ligt mooi in de rijwind, hij maakt een lage bouw van de hele fiets mogelijk en ook het zwaartepunt komt mooi laag te liggen. Er zijn echter ook nadelen aan verbonden. De bougie zit wat kwetsbaar, maar dat is het ergste niet. Sleutelen evenwel wordt er moeilijk door. Afnemen van zowel het inlaatspruitstuk als de uitlaat is niet veel minder dan een doffe ramp. Om de inlaat af te nemen zal de niet superhandige sleutelaar er zelfs verreweg het best aan doen de hele cilinder eerst uit te bouwen!

Overigens is de Kreidler in zijn ‘officiele’ uitvoering natuurlijk geen hardloper: de Nederlandse wet is nu eenmaal streng in zijn voorgeschreven maximumsnelheid van 40 kilometer per uur. De testbrommer liep precies 40 kilometer per uur. De teller wees dan overigens 44 aan. Als de teller 30 wijst, loopt de brommer 26, wijst hij 40 dan is de werkelijke snelheid 36 kilometer per uur. Ongeveer tien procent miswijzing dus. De toerenteller brengt zijn act wat moeilijker: als hij 2000 wijst, loopt de motor in werkelijkheid 2200 toeren per minuut, bij 3000 op het boordmetertje wees onze ijkmeter (en die is echt goed) 3400 aan, bij 4000 was dat 4300, bij 5000: 6000, 6000 bleek in werkelijkheid 7600 te zijn en 7000 liefst 9000! Valt toch wat tegen op zo’n dure brommer.

We hebben de acceleratie weer gemeten. Niet omdat dat nu zo’n belangrijk gegeven is, maar omdat het makkelijk is op deze manier een brommer met andere te vergelijken. Van stilstand tot een punt 100 meter verder had de Kreidler vol accelererend door de versnellingen 13 seconden nodig. Dezelfde spurt over 400 meter kostte 41 seconden. De geluidsproductie is heel laag. Deze Kreidler kan in zijn standaarduitvoering (!) nooit de schuld zijn van het bekende klaaglied over ‘die knetterende brommers’. In de standaard meetsituatie: volgas accelererend in drie over een meetafstand van zes meter met de geluidmeetapparatuur
haaks op het midden van die meetafstand op vijf meter bleef de meter stilstaan op 73 decibel. En dat is prima weinig.
Zuinig is de Kreidler ook: over de testperiode verbruikte hij 1 op 36.
De motor is erg soepel – het heeft geen zin om erover in de toeren te klimmen. Een voorbeeld: als je het ding werkelijk doorrijdt in de toeren, komt hij jankend in twee helemaal op zijn topsnelheid. Maar in vier gaat het wel zo lekker. Overigens wel een bewijs hoe ‘geknepen’ deze motor is. Starten doet de Kreidler geweldig makkelijk, ook na uren in de regen gestaan te hebben. Bij een koude motor moet je choken, beslist geen gas geven als hij net loopt, want dan slaat hij meteen af. Na heel even warmdraaien kun je rustig wegrijden en na zo’n 300 meter neemt hij vol gas al goed op. Een nieuwe ontwikkeling van Kreidler is het trappermechanisme. Ondanks de verplichte fietsinrichting zit je toch niet met zwabberende of de grond rakende trappers, waar rem- en schakelpedaal zelden lekker onder vallen, maar met je voeten op voetsteuntjes. Deze zitten op de cranks, ter hoogte van de trapas. Nadat je de brommer hebt gestart door gewoon een pedaal naar voren te bewegen, draai je de cranks horizontaal naar achteren. Op die hoogte zit bij de voetsteunen een metalen plaatje met een gat.

Je klapt de linkervoetsteun uit, die dan een pen in dat gat schuift, waardoor de zaak vergrendeld zit. Jammer genoeg zijn de voetsteunen ietwat gammel, we raakten met een ervan even een paaltje en konden meteen gaan zwoegen om de lichte klinknagel waarop de steun scharniert, weer in het gareel te brengen. Het is allemaal heel knap geconstrueerd. Maar als kort na het starten de motor afslaat is het wel een heel werk om alles weer in startpositie te brengen. In de praktijk duw je hem dan aan, en dat gaat heel erg makkelijk.
Fietsen vergt de nodige voorbereidingen. Maar ja, hoe vaak komt dat voor? De hele fabriek zit er voornamelijk aan om de wetgever te plezieren. Het gaat als volgt. Je klapt de voetsteunen in, door de linker in te klappen gaan de trappers naar beneden hangen. Vervolgens duw je een plaatje bij de rechtertrapper naar buiten, waardoor die crank een halve slag gedraaid kan worden. Daar klikt hij vast. Met ingeschakelde vierde versnelling en ingetrokken koppeling (je kunt hem gelukkig vastzetten) kun je nu fietsen, en het gaat (relatief gezien) niet eens slecht ook.

Transmissie

Het prachtige kleine Kreidlerblokje telt in bromfietsuitvoering vier versnellingen en daar heb je echt wel genoeg aan. De een zou wat langer mogen zijn, net als de drie. In het laatste geval zou de overgang van drie naar vier mooi kort worden, wat bij hellingen of tegenwind met een duopassagier prettig kan zijn. Het schakelpookje is sinds enkele jaren rechtstreeks op de schakelas gemonteerd. Vroeger zat het heel ingewikkeld met een op de blokophanging scharnierende schakelpook die met behulp van tussenhefboompjes de schakelas bediende. Door deze ingreep is het schakelen met vele tientallen procenten verbeterd. De Kreidler heeft geen last van ‘vals vrij’ tussen de versnellingen. De schakeling doet het verder gewoon goed – ook in vergelijking tot de Japanse merken. De versnellingsbereiken liggen – als je je aan menselijke toerentallen houdt – in de praktijk op 24 kilometer per uur in een, 31 in twee, 34 in drie en 40 in vier. Dit laatste natuurlijk afhankelijk van de wind, maar zelfs harde wind tegen bleek niet meer dan een kilometer snelheidsverschil uit te maken, dus dat maakt niets uit. De koppeling werkt licht en is gemakkelijk bedienbaar. Kreidlers hebben erg goede koppelingen.
De ketting zit in een gesloten kast. Dat komt de levensduur natuurlijk ten goede. En de broekspijpen ook. Jammer is evenwel dat daardoor de ketting moeilijk te spannen is. Je moet de kettingkast loshalen om bij de linkerasmoer en kettingspanner te kunnen komen. Daar zijn veel handiger constructies voor bedacht.

Magnifiek detail: sterwielen met aangeboute velgen: vervangbaar dus als je er een slag in rijdt

Remmen

Op de Kreidler RMC Super Star wordt voor een hydraulische bediende schijfrem en achter een trommelrem geleverd. De schijfrem ziet er erg mooi en solide uit, de remklauw zit achter de vorkpoot gemonteerd. Hij remt bijzonder goed, maar heeft dan ook weinig gewicht te stoppen. Ook bij nat weer hoef je maar een, hooguit twee keer licht droog te remmen en hij doet het weer prima. De schijf is niet van gaten voorzien, en is vervaardigd van roestvrij staal. Hij heeft gelukkig geen last van piepneigingen. Althans tijdens de tesperiode niet.
De hendel is goed te bedienen en te doseren en werkt licht. Met een minimale slag uiteraard, maar dat hoort nu eenmaal bij hydraulische bediende schijfremmen. Het achterrempedaal zit lekker dicht onder de voet. Maar zelfs bij redelijk licht aantippen blokkeert hij al, wat hinderlijk is. Je kunt hem natuurlijk wat losser zetten, maar dan neemt de pedaalslag relatief sterk toe, en dat is natuurlijk niet de bedoeling. De bediening vindt plaats door middel van een kabel. Er zit te weinig gevoel in het pedaal. In de praktijk zal men automatisch voornamelijk met de voorrem werken, die dat ook heel best aankan. Geef je meer dan minimale druk erbij op de achterrem, dan begint de achterband al gauw te gillen -spectaculair als je wat hard bij een roodspringend stoplicht arriveert, maar niet de bedoeling natuurlijk. Bij duogebruik voldoet de achterrem door de grotere achterwielbelasting wat beter, maar blijft toch te giftig. Voor ons zou er een kleinere trommel in mogen, maar voor het oog is een grote natuurlijk mooier. En dat oog wil ook wat.

Technische gegevens

Afbeelding

Weggedrag

Met deze Kreidler kun je best hard door scherpe bochten sturen. Over langere bochten kunnen we weinig zinnigs zeggen, omdat daarvoor de topsnelheid doodgewoon te laag is. Zo’n lange bocht lukt altijd wel.
Kortere bochten kunnen, als gezegd, snel gereden worden. Het insturen kost weinig moeite maar de bocht doorgaand kom je onwillekeurig nogal wijd uit – de fiets wil dus graag een beetje rechtdoor. Dat komt hoogstwaarschijnlijk door de niet geheel overtuigende voorvork. Deze is nogal week en heeft bij een wat slappe vering een vrij geringe demping. Je zou jezelf iets straffere (dikkere draad) veren wensen, en wellicht wat meer – maar dan wel dunne – olie dan er van huis uit in zit. Goedkoper en gemakkelijker kun je vermoedelijk de vorkdemping (dus niet de vering) iets straffer maken door wat dikkere olie, maar dan vooral niet te veel.

De achtervering is prettig, vooral niet te zacht. Voor solo-gebruik mag je hem zelfs wat stug noemen, maar dat is wel lekker. Hij is voor duogebruik nog steeds zeer bruikbaar en prettig. Dat al te weke veergedoe is voor de wegligging heus niet altijd zo prima. Deze Kreidler heeft de voor brommers tamelijk ongekende luxe van- een verschillend profiel voor voor- en achterband. Het fabrikaat is Continental, de maat 17″ x 2,75 “. Voor zit profiel RB-2 – een rillenprofiel dat eigenlijk niet erg overtuigend was. Als je hard over een langsrichel gaat, heeft de band (ook op droog wegdek) een beetje de neiging wat weg te glijden. Ook is deze voorband erg gevoelig voor zand op de weg. Kleine, snelle stuurbewegingen vat de band echter erg goed op. De achterband is voorzien van het profiel K 112. Op normale wegdekken geeft deze band een prima grip. Op nat plaveisel doet hij het uitgesproken goed. Bij extreem platgaan houden de banden zich beide prima.

Zit

Het stuur van de Kreidler verknoeit de zit – eigenlijk zitten alleen kleine mensen er goed op. Je kunt het stuur verstellen wat je wilt, het blijft een beetje een naar ding. Je gaat onwillekeurig met een kromme rug zitten en dat moet niet. Je moet met een rechte rug naar voren gebogen zitten en je armen moeten dan ook redelijk recht naar voren steken.
Alleen dan kun je het uren uithouden en altijd alert reageren. Wij vinden dat er eigenlijk (tenzij je, als gezegd klein bent, anderhalve meter of zo) een ander stuur op de Kreidler moet. Dat is gelukkig goedkoop en zonder veel moeite te realiseren.
De Kreidler heeft, zoals we al eerder beschreven, een vrij uniek voetrustensysteem. De voeten rusten op steunen, die op de cranks zijn bevestigd. Je bent daardoor af van het probleem van de grond rakende trappers, zoals bij nogal wat brommers bestaat. Tegelijkertijd zijn daardoor echter die voetsteunen tamelijk hoog geplaatst, wat voor langere berijders weer wat verkrampt zit. Het is ook nooit goed. De buddyzit is lekker hard – je kunt er uren op zitten zonder pijn in de billen te krijgen. Hij is ook lekker lang. Een duopassagier zit er prima op alhoewel hij zijn voeten op meeverende steunen heeft die op de achterbrug zitten.

Bedieningsgemak

Afgezien van het ietwat gecompliceerde trapper- en startsysteem is het bedienen van de Kreidler kinderspel. Je rijdt er zo mee weg. De hendels op het stuur zijn uitstekend en je kunt ze ook helemaal naar wens draaien zonder dat je allerlei kabels of leidingen afknelt. Er is een contactsleutel (gelukkig niet zo’n blikken ding) in een slot midden tussen de beide meters. Met dat slot kun je de motor afzetten, dus waarom er ook nog een stopknop op zit is niet erg begrijpelijk. Door de sleutel helemaal naar rechts te draaien gaat het licht aan, maar los daarvan is er ook nog een drukknop waarmee je lichtsignaal kunt geven. Er zijn ook schakelaars voor richtingaanwijzers, welke laatste evenwel niet standaard aanwezig zijn. Het stuurslot zit in het balhoofd, werkt goed en is goed bereikbaar. Voor de bijna 3100 gulden die deze Kreidler kost, is hij niet overdreven royaal uitgerust. Zo ontbreken richtingwijzers, spiegels, toetertje, accu, niet meeverende duovoetsteunen. Daar staan echter enkele grappig-handige dingen tegenover zoals een goed bedienbare choke en een slim gaatje in de zijkap waardoorheen de stationairesproeier van de carburateur verstelbaar is.

Vering
Hierover hebben we het bij het weggedrag eigenlijk al gehad. Voor het comfort zou de voorvering wat straffer mogen zijn. De achtervering is precies goed, zowel voor solo- als duogebruik. De veerwegen zijn voldoende. De achterveren zijn niet verstelbaar.

Afbeelding

Uiterlijk

De Kreidler ziet er degelijk, goed afgewerkt en netjes uit. Alles past goed en zit mooi doordacht. Echt Duitse afwerking. Een handig detail is het ruime kastje links, waarin de verrassend uitgebreide en van goede kwaliteit zijnde collectie boordgereedschap is opgeborgen. Er zit zelfs een minimaal fietspompje in. Ongelukkig is de man die hiermee ooit een band moet hardpompen, maar als je middenin de rimboe staat met een zachte band ben je toch mooi gelukkig met zo’n ding. Er is ruimte genoeg in het kastje voor nog wat extra gereedschap, wat bougies een lap.

Aan de rechterkant zit net zo’n kastje. Daarin zitten bij de motorfiets de spullen voor de electronische ontsteking. De bromfiets heeft gewone contactpuntontsteking, waardoor dit kastje hier leeg bleef en kan worden gebruikt om allerlei kleine dingen in mee te voeren. De sluiting evenwel is knullig. Aan de onderzijde zitten twee nylon dopbouten, die makkelijk scheef in hun tapgat gaan. Bovendien: als je ze handvast draait kan iedereen ze makkelijk openmaken, maar zet je ze met een schroevendraaier vast (dat kan) dan zit je in de ellende als je ooit onderweg pech krijgt en je schroevendraaier nu juist in dat kastje hebt zitten. De tank doet wat bullig aan, maar daar heb je snel vrede mee als je ontdekt dat er liefst 12,5 liter brandstof in kan, wat de brommer een fantastische actieradius geeft. De nieuwe sterwielen zijn tweedelig: de spaken zitten met bouten aan de velgen vast. Dat is handig, als je eens een velg krom rijdt of beschadigt hoef je niet meteen een duur heel wiel te vervangen. Het zijn trouwens erg mooie wielen – makkelijk schoon te houden ook. Het merk is Weinmann, de maat 1.60 x 17.
De uitlaat steekt wat ver uit wat onhandig is bij krap manoeuvreren in volle garages of schuren.
Het licht valt qua opbrengst een beetje tegen. Een remlicht is standaard aanwezig. Achter de buddy zit een spoiler-achtig plastic scherm. Een spoiler is natuurlijk onzin bij de snelheden die de Kreidler haalt – het is trouwens dubbele onzin doordat hij geen enkel effect kan hebben met een mens er pal voor. Maar het staat bijzonder aardig, dat moet gezegd worden, en daar is het natuurlijk ook om begonnen. De Kreidler heeft een eigenzinnig uiterlijk. Hij is duidelijk anders dan anderen. Maar toch – of misschien wel juist daarom – erg mooi.

Conclusie

De Kreidler is, zeker in deze RMC Super Star uitvoering, de Mercedes onder de bromfietsen. Net als die Mercedes is hij wat sober van afwerking, maar tegelijkertijd erg stevig en solide. Hij gaat – dat is honderdduizendvoudig bewezen -jaren en jaren mee, geeft vrijwel geen storingen en heeft een gegarandeerd hoge tweedehandswaarde. Het is dus een goede en verantwoorde investering, zelfs al lijkt de prijs van f 3095,– op het eerste gezicht schrikwekkend hoog. Het gaat er niet alleen om, wat je bij aanschaf uitgeeft, het gaat er toch ook heel sterk om, wat je na verloop van tijd weer terugkrijgt. En dat zit bij Kreidler (juist in de luxueuzere, mooiere uitvoeringen) altijd best goed.

Bron: Een door Van Veen uitgegeven aparte overdruk uit Motorvisie – 6, 31 maart 1979.

https://www.kreidler.nl/forum/viewtopic.php?t=10300
 
 
 

Vergelijkbare motoren en brommers

Sparta GG50 Sport Special (zwart)

Sparta GG50 Sport Special (zwart)

Sparta GG50 Sport Speciaal (Zwart)  Het frame vormt een der belangrijkste onderdelen van een bromfiets en hieraan worden dan ook de hoogste eisen gesteld. Steunend op een 30-jarige ervaring in de motorrijwielbouw zijn wij erin geslaagd een geperst frame uit een...

Sparta GG50 Sport Special

Sparta GG50 Sport Special

Sparta GG50 Sport Speciaal Het frame vormt een der belangrijkste onderdelen van een bromfiets en hieraan worden dan ook de hoogste eisen gesteld. Steunend op een 30-jarige ervaring in de motorrijwielbouw zijn wij erin geslaagd een geperst frame uit een hoogwaardige...

Kreidler Eitank K54-2

Kreidler Eitank K54-2

Kreidler K54-2 Florett Super 4 (eitank) Type motor : B-15-3 -4.20 Voet - 4 versnellingen indirect. bouwjaar 1963 Kreidler is een historisch Duits merk van motorfietsen en bromfietsen.De bedrijfsnaam was Kreidler Fahrzeugbau, Stuttgart, later Kreidler-Werke GmbH,...